OliNo

Duurzame Energie

Saproco Led Downlight 11W Neutraalwit

Geplaatst door Marcel van der Steen in Lampmetingen, Ledlampen Geef een reactie

Saproco komt met een led downlighter. Deze geeft neutraalwit licht.

In dit artikel staan allerlei interessante lampparameters, zoals ook opgenomen in de Eulumdat file.

Zie voor een vergelijk met andere lampen dit overzicht.

Samenvatting meetgegevens

parameter meting lamp opmerking
Kleurtemperatuur 4517 K Neutraalwit
Lichtsterkte Iv 313 Cd Gemeten recht onder de lamp.
Verlichtingssterkte-modulatie-index 9 % Gemeten recht onder de lamp. Is een maat voor de mate van knipperen.
Stralingshoek 76 deg 76º is de stralingshoek voor alle C-vlakken daar deze lamp symmetrisch is over de 1ste as.
Vermogen P 10.5 W Volg de link voor meer elektrische en temperatuureigenschappen.
Power Factor 0.91 Met deze powerfactor geldt dat voor iedere 1 kWh aan netto vermogen, er 0.4 kVAhr aan reactief vermogen is geweest.
THD 9 % Total Harmonic Distortion.
Lichtstroom 563 lm
Efficiëntie 54 lm/W
EU-label klassificatie A De energieklasse, van A (meest efficiënt) tot en met G (minst efficiënt).
CRI_Ra 63 Color Rendering Index oftewel de kleurweergave-index.
Coördinaten kleursoort diagram x=0.3643 en y=0.3832
Fitting 230V Deze lamp wordt direct aangesloten op de 230 V AC.
PAR-waarde 2.4 μMol/s/m2 Het aantal fotonen wat een gemiddelde plant ziet in het licht van deze lamp, geldend op 1 m afstand van de lamp en ge-extrapoleerd naar 1 m² oppervlak.
PAR-fotonrendement 0.4 μMol/s/We Het aantal fotonen wat een gemiddelde plant ziet in het licht van deze lamp, geldend op 1 m afstand van de lamp.
S/P ratio 1.6 Dit is de factor die aangeeft hoeveel keer efficienter deze lamp is in het generen van visueel effectief licht voor het menselijk oog, bij nachtgevoeligheid (vergeleken met daggevoeligheid).
D x H buitenafmetingen 170 x 50 mm Buitenafmetingen van de lamp.
D afmetingen lichtruimte 120 mm Afmetingen van het gebied waar het licht vandaan komt. Dit is gelijk aan de diameter van het matte glas aan de voorkant, waarachter de leds zitten. Deze parameters worden in een Eulumdatfile gebruikt.
Algemene opmerkingen De omgevingstemperatuur gedurende de hele set van metingen was 23.4-23.5 deg C.

De lamp wordt aan de buitenkant ongeveer 22 graden warmer dan omgevingstemperatuur. Aan de binnenkant wordt deze 28 graden warmer.

Opwarmeffect: gedurende de opwarming neemt de verlichtingssterkte af met ongeveer 26 % en het opgenomen vermogen ongeveer 28 %.

Spanningsafhankelijkheid: er is geen noemenswaardige afhankelijkheid van de verlichtingssterkte en het opgenomen vermogen wanneer de voedingsspanning tussen de 200-250 V varieert.

Aan het eind van het artikel een extra foto.

vormfactor downlighter
Eulumdat file olino_eulumdat Rechtsklik op het icoon en sla het bestand op.

Overzichtstabel

Let op: de gegevens zijn (deels) afkomstig van berekeningen. Zie ook de uitleg van deze tabel op de OliNo site.

Noot: de minimale afstand waarvoor de berekende resultaten in E (lux) geldig zijn, is 5 x 120 mm ≈ 600 mm. De resultaten van E (lux) binnen deze afstand zijn te hoog, en een meting met een goede luxmeter zal minder aangeven omdat deze zich in het nabije veld bevindt van de lamp.

EU Energielabel klassificatie

Met de meting van de lichtstroom en het opgenomen vermogen is de klassificatie te geven van deze lamp. Dit wordt voor een aantal lampen verplicht gesteld in de EU, zie ook de OliNo site waar uitleg staat voor welke lampen het geldt, hoe het label eruit ziet en wat het moet bevatten aan informatie.

Hierbij de labels voor deze lamp in kleur en zwart-wit.

EU energielabel van deze lamp

Label in zwart-wit.

Eulumdat lichtdiagram

Het lichtdiagram geeft de helderheid aan in het C0-C180 en het C90-C270 vlak. Er is ook meer uitleg over dit diagram op de OliNo site.

Het lichtdiagram en de indicatie van de planes.

Het lichtdiagram van het C0-C180 vlak is gelijk aan het C90-C270 vlak vanwege de symmetrie.

Verlichtingsterkte E_v op 1 m afstand, of lichtintensiteit I_v

Hierbij de plot van de gemiddelde lichtsterkte (I_v) afhankelijk van de hoek van meting t.o.v. de lamp. Dus alle lichtsterkte metingen behorende bij 1 kantelhoek, en afkomstig van verschillende draaihoeken, zijn gemiddeld. In deze grafiek is de helderheid in Cd direct af te lezen.

Het stralingsdiagram van de lamp.

Deze plot met deze gemiddelde waardes worden gebruikt om de totale lichtopbrengst te berekenen.

Het verloop van de lichtsterkte afhankelijk van de hoek t.o.v. de lamp.

Deze plot geeft grafisch weer welke verschillende meetwaardes verkregen zijn bij iedere kantelhoek. Voor een bepaalde kantelhoek zijn er zo een aantal metingen, die afkomstig zijn van verschillende draaihoeken rondom de lamp.

Bij het berekenen van de gemiddelde lichtsterktewaardes per hoek en deze uit te zetten in een grafiek, is de stralingshoek te bepalen: dit is berekend op 76º.

Lichtstroom

Met de meetgegevens van lux op 1 meter, gehaald uit het stralingsdiagram met de gemiddelde lichtsterktewaardes, is de lichtstroom te berekenen. Het resultaat van deze berekening voor deze lamp is 563 lm.

Efficiëntie

Een lichtstroom van 563 lm, en een opgenomen vermogen van 10.5 Watt, levert een efficiëntie van 54 lm/Watt.

Elektrische eigenschappen

Met de powerfactor van 0.91 geldt dat voor iedere kWh aan netto vermogen, er 0.4 kVAhr aan reactief vermogen is geweest.

Voedingsspanning 230.0 V
Voedingsstroom (gemiddelde per lamp) 50 mA
Vermogen P (gemiddelde per lamp) 10.5 W
Schijnbaar vermogen S (gemiddelde per lamp) 11.5 VA
PF 0.91

Tevens is van deze lamp de spanningsvorm en stroomvorm opgenomen. Hoe dat is gebeurd wordt uitgelegd op de OliNo site.

Spanningsvorm over de lamp en stroom door de twee lampen (plus voedingseenheid).

Deze stroom is gechecked tegen de eisen gesteld door de Europese norm IEC 61000-3-2:2006 met amendement 2:2009 die eisen bevat voor verlichtingsinstallaties <= 25 W en voor > 25 W. Zie voor meer uitleg de OliNo website.

De harmonischen van de stroom uitgezet tegen de eisen voor harmonischen vanuit IEC61000-3-2:2006 A2:2009

Voor vermogens <= 25 W gelden er geen limieten voor de harmonischen.

De Total Harmonic Distortion van de stroom is berekend en bedraagt 9 %.

Temperatuurmetingen lamp

Voorkant van de lamp.

De emissiviteit is hetzelfde als die van de masking tape, die onderaan is geplakt en nauwelijks zichtbaar is. Dus de emissiviteit is hier 0.95 genomen.

De onderkant en zijkant van de lamp.

De zijkant van de lamp heeft een hoge emissiviteit, vergelijkbaar met die van de tape (ongeveer 0.95) en kan dus de warme goed uitstralen. De onderkant reflecteert en is daarom alleen oed te meten door gebruik te maken van een stuk tape dat dezelfde temperatuur aanneemt als het materiaal zelf maar wat beter uitstraalt en dus nauwkeuriger de temperatuur van te meten is.

status lamp > 2 uur aangestaan
omgevingstemperatuur 22.5 graden C
gereflecteerde schijnbare temperatuur 22.5 graden C
camera Flir T335
emissiviteit 0.95(1)
meetafstand 0.4 m
IFOVgeometric 0.5 mm
NETD (thermische gevoeligheid) 50 mK

(1) Zie tekst voor uitleg.

Kleurtemperatuur en licht- oftewel vermogensspectrum

Het kleurspectrum van het licht van deze lamp. Energieniveaus geldig op 1 m afstand.

De gemeten kleurtemperatuur van deze lamp is ongeveer 4525 K wat neutraalwit is.

De meting is gedaan recht onder de lamp. De kleurtemperatuur kan ook worden gemeten onder verschillende kantelhoeken.

De kleurtemperatuur van de lamp afhankelijk van de kantelhoek.

De kleurtemperatuur is gegeven voor kantelhoeken tot 80 graden. Daarbuiten is de verlichtingssterkte zo laag (< 5 lux) dat deze niet meer is meegenomen voor de kleurbepaling van het licht.

Kijkende naar de stralingshoek van 76 graden (dus 38 graden kantelhoek, dit is het gebied waar het meeste van het licht afgegeven wordt) dan geldt hiervoor dat het gootste gedeelte van de totale lichtstroom in dit gebied valt. De variatie in kleurtemperatuur in het grootste gedeelte van dit gebied is < 1 %.

PAR waarde en -spectrum

Uitleg over PAR, hoe de waarde te verkrijgen en de achtergrond van de gegevens is te vinden in dit artikel op de OliNo site.

Het fotonenspectrum, dan de gevoeligheidscurve, resulterend in een PAR-spectrum

parameter waarde eenheid
PAR-getal 2.4 μMol/s/m²
PAR-fotonstroom 4.3 μMol/s
PAR-fotonrendement 0.4 μMol/s/W

Als gekeken wordt naar het gedeelte van het spectrum van het licht van de lamp, dat bruikbaar is voor fotosynthese, dan komt dat neer op 62 % (geldig voor het golflengtegebied van 400-700 nm.

S/P ratio

Uitleg over S/P ratio, de waarde en het verkregen spectrum is te vinden op de OliNo site.


Het vermogensspectrum, de gevoeligheidscurves en de resulterende nacht – en dagspectra (laatste op 1 m afstand).

De S/P ratio van deze lamp is 1.6.

Zie voor meer achtergrondinformatie het uitlegartikel over S/P ratio op de OliNo website.

Kleursoort diagram

Het kleursoort diagram en de plaats van het licht van de lamp.

Het lichtpunt ligt (net) in het gebied aangeduid met klasse A (wit). De gebieden gelden voor signaallampen, zie verder ook de uitleg op de OliNo website.

De kleurcoördinaten zijn x=0.3643 en y=0.3832.

Kleurweergave-index of CRI

Hierbij het plaatje van de kleurweergave index. Deze wordt goed uitgelegd op de Wiki over kleurweergave-index. De echte relevantie van de CRI waarde wordt verder in een artikel op OliNo besproken.

De gegevens mbt de kleurweergave index van het licht van deze lamp.

Deze waarde van 63 aan in hoeverre het licht van deze lamp een aantal referentiekleuren kan weergeven in vergelijk met het licht van een referentiebron (voor < 5000K een zwarte straler en voor > 5000K de zon/buitenlicht).

Deze waarde van 63 is lager dan de waarde van 80 die als minimum geldt voor een natuurgetrouwe kleurweergave voor alledaags gebruik, zie ook de uitleg op OliNo.

De “chromaticity difference” is 0.0081, wat aangeeft hoever de kleur van deze lamp afligt van het pad van de zwarte straler. Er is echter nog geen norm die aangeeft wat de maximale afwijking van wit licht mag zijn. Een referentie is gegeven met de aangegeven gebieden voor wit licht in het kleursoortdiagram.

Spanningsafhankelijkheid

De lamp is onderzocht op hoe afhankelijk de parameters verlichtingssterkte E_v [lx] en het opgenomen netto vermogen P [W] zijn van de lampspanning. Uit de deling van E_v door P volgt een inschatting van de efficiëntie.

Afhankelijkheid van lampparameters van de ingestelde lampspanning.

De lampparameters variëren niet noemenswaardig wanneer de spanning varieert tussen de 200 – 250 V.

Een abrupte variatie van + of – 5 V levert een verandering van de lichtintensiteitswaardes van < 0.1 %. Dit verschil in lichtintensiteit is niet zichtbaar wanneer deze variatie abrupt gebeurt.

Opwarm-effecten

Van deze lamp zijn de opwarm-effecten doorgemeten op de verschillende interessante parameters. Zie ook de grafiek.

Opwarmen van de lamp en het effect op lampparameters; 100 % niveau aan het begin en aan het eind gelegd

De warmup tijd is ongeveer 30 minuten, waarin de verlichtingssterkte met 26 % afneemt en het opgenomen vermogen met ongeveer 28 %.

Mate van knipperen

Er is gekeken naar de mate van snelle verlichtingssterktevariaties van het licht van de lamp. Zie voor meer uitleg over de meetopstelling en achtergrond de uitlegartikelen op OliNo.

De mate van snelle verlichtingssterktevariaties van het licht van de lamp

parameter waarde eenheid
Knipperfrequentie 100 Hz
Verlichtingssterkte-modulatie 9 %

Verlichtingssterkte-modulatie-index wordt berekend als: (max_Ev – min_Ev) / (max_Ev + min_Ev). Zie tevens meer uitleg op de OliNo website.

Extra foto


Achterkant van de downlight lamp.

De 230 V wordt aangesloten op de omhoogstaande lip, waar de fase en de nul en de aarde aangesloten worden.

Geef een reactie

 

WP Theme & Icons by N.Design Studio
Gebruiksvoorschriften | Privacybeleid Adverteren Entries RSS Comments RSS Log in